Een inspirerend bericht van de Rijksoverheid deze week: de collectieve voedselverspilling is significant gedaald. We zijn als samenleving bewuster gaan kiezen wat we nodig hebben en wat ons voedt. Het is een krachtig signaal over de winst van bewustwording. En het roept een belangrijke vraag op voor iedereen die met sporters werkt: hoe gaan wij om met de energie, motivatie en het talent binnen onze club? Verspillen we onbewust waardevolle ingrediënten, of creëren we een omgeving die elke sporter voedt?
We kennen het allemaal: de goedbedoelde, strakke seizoensplanningen, de ‘one-size-fits-all’ trainingsschema’s en de ongeschreven regel dat meer trainen altijd beter is. We bieden sporters een vast menu aan, vanuit de overtuiging dat dit de beste maaltijd is. Maar wat gebeurt er als een sporter op dat moment geen honger heeft, of behoefte heeft aan heel andere voedingsstoffen? De kans is groot dat de maaltijd wordt weggeschoven. De energie lekt weg, de motivatie verdwijnt. Zonde van de inspanning, zowel van de sporter als van de club.
Dit is waar de echte uitdaging voor ons als begeleiders ligt. Hoeveel ruimte is er binnen onze teams of de clubcultuur voor het ‘persoonlijke boodschappenlijstje’ van een sporter? Durven we hen te vragen: wat heb jij nu nodig om te groeien? Is de drempel laag genoeg voor een sporter om aan te geven dat een training te zwaar is, of dat ze juist een extra uitdaging missen? Of is ons programma zo dwingend dat we onbewust signalen van beginnende ‘verzadiging’ of ‘ondervoeding’ missen?
Echte groei faciliteren gaat verder dan het aanbieden van een schema. Het gaat over het creëren van een omgeving waarin sporters leren luisteren naar hun eigen lichaam en geest. Een cultuur waarin een rustdag wordt gezien als een slimme investering, niet als een gebrek aan commitment. Waar het gesprek over mentale frisheid net zo normaal is als de warming-up. Hoe vaak initiëren wij dat gesprek? En belangrijker nog: wat doen we met de antwoorden?
De kunst is om van een vast menu over te stappen naar een rijk gevuld buffet. Een buffet waar de basisgerechten (de clubtrainingen, de wedstrijden) uitstekend zijn, maar waar ook ruimte is voor persoonlijke keuzes. Waar een sporter zelf kan opscheppen wat hij of zij op dat moment nodig heeft. De uitdaging die we als club bieden, is dan niet het leegeten van een verplicht bord, maar de sporter te leren wat de meest voedzame keuzes zijn voor zijn of haar unieke ontwikkeling.
Laten we die prachtige prestatie van minder verspilling als inspiratie gebruiken. Laten we onze structuren, onze communicatie en onze cultuur eens tegen het licht houden.
De vraag is niet of ons aanbod goed is. De vraag is: voedt het onze sporters, op dit moment? Laten we een klimaat scheppen waarin die vraag stellen de normaalste zaak van de wereld is. De winst in plezier en duurzame ontwikkeling zal enorm zijn.
