Een pleidooi voor bescherming van de vrijwilliger én het kind
Datum: 26 januari 2026
Auteur: Sven Walleze
De kogel is door de kerk: na de Nevobo schrappen nu ook de KNVB en de KNHB de ranglijsten bij de onder-12. De reacties vanuit de kantines zijn fel. “We kweken watjes,” klinkt het. “In de echte wereld worden scores toch ook bijgehouden?”
Deze emotie is begrijpelijk, maar legt een pijnlijke zenuw bloot. De discussie gaat namelijk niet over de veerkracht van kinderen. De discussie gaat over de kwetsbaarheid van onze verenigingssport. We moeten eerlijk durven kijken naar het verschil tussen professioneel aangeboden sport en het traditionele verenigingsleven. En daar zit precies de kneep.
Het Verschil: De Professional vs. De Vrijwilliger Kijken we naar commerciële sportaanbieders – de private tennisschool, de zwemles, de crossfit-box – dan zien we vaak gediplomeerde instructeurs. Mensen die betaald worden om pedagogisch en didactisch verantwoord les te geven. Zij hebben de kennis om een competitie-element zo in te zetten dat het bijdraagt aan groei.
Maar de verenigingssport – de ruggengraat van de Nederlandse sportcultuur – leunt op een ander model: de vrijwilliger. De vader die na een lange werkdag nog even het team traint. De moeder die zaterdag fluit. Hun inzet is goud waard en onmisbaar. Maar… zij zijn doorgaans geen pedagogen.
De Onbedoelde Schade in de Vereniging Omdat de pedagogische basiskennis in de breedtesport vaak ontbreekt, grijpen goedbedoelende vrijwilligers terug op wat ze kennen: topsport-imitatie. Zonder de professionele bagage om te differentiëren, wordt het scorebord de enige graadmeter voor succes. Dit leidt tot ‘Adultification’ (Côté, 2016): volwassen regels projecteren op kinderen.
- De zwakkere speler wordt gewisseld voor de winst.
- De sfeer hangt af van de uitslag.
- Ontwikkeling wordt ondergeschikt gemaakt aan de ranglijst.
De maatregel van de bonden om scores te wissen is dus geen aanval op competitie an sich. Het is een beschermingsmaatregel voor een omgeving waar professionaliteit niet gegarandeerd kan worden. Het is een vangnet voor de vereniging.
De Gouden Driehoek en de Falende Schakel De gezonde ontwikkeling van een kind leunt op de Gouden Driehoek: Onderwijs, Thuis en Vrije Tijd (Sport).
- Onderwijs & Thuis: Staan onder enorme druk (personeelstekorten, tweeverdieners, mantelzorg).
- Verenigingssport: Zou de derde veilige pijler moeten zijn.
Maar de cijfers van het Mulier Instituut liegen niet: de uitval (drop-out) rond 13 jaar is enorm. Kinderen haken af omdat de vereniging vaak niet de veilige ontwikkelplek biedt die het belooft, maar een plek van stress en selectie. Als de vereniging niet professionaliseert of zich aanpast, faalt deze als partner in de opvoeding.
De Formule voor de Toekomst Om de vereniging bestaansrecht te geven in het sociaal domein, moeten we terug naar de kern. Niet ‘nadoen wat ze op TV zien’, maar doen wat goed is voor het kind. Zelfdeterminatie + Groei + Uitdaging = Plezier.
- Zelfdeterminatie: Laat kinderen spelen voor het spel, niet voor de ambitie van de coach.
- Groei: Focus op het proces (beter worden) in plaats van het resultaat (de beste zijn). Dit stimuleert de Growth Mindset (Dweck).
- Uitdaging: Zonder ranglijst kunnen we wedstrijden op niveau indelen, zodat iedereen op zijn eigen tenen moet lopen, zonder vernederd te worden.
Conclusie: De lat moet omhoog (of het bord moet weg) We kunnen niet van elke vrijwilliger verwachten dat hij een pedagogisch expert is. Dat is niet reëel. Maar zolang we die expertise niet hebben in de vereniging, moeten we systemen wegnemen die verkeerd gedrag uitlokken. Het scorebord bij de O12 is zo’n systeem.
De sportvereniging wil graag een serieuze partner zijn in het sociaal domein en aanspraak maken op maatschappelijk geld. Dat kan alleen als we kunnen aantonen dat we, ondanks ons vrijwilligersmodel, een veilige en professionele omgeving bieden. De KNVB en Hockeybond zetten hierin de enige juiste stap: ze helpen de vrijwilliger om de focus te verleggen van winnen naar groeien.
Bronnen:
- Côté, J., & Hancock, D. J. (2016). Evidence-based policies for youth sport programmes. (Over Adultification).
- Mulier Instituut. (2023). De staat van de vereniging: Vrijwilligers en kwaliteit.
- Wormhoudt, R. et al. (2018). Athletic Skills Model. (Over veelzijdigheid vs. vroege specialisatie).
- Dweck, C. S. (2006). Mindset: The New Psychology of Success.
